Urban sports is een verzamelnaam voor verschillende sporten die zich niet afspelen in een specifiek op sport ingerichte omgeving, zoals een sportpark of sporthal, maar in de woonomgeving, in een veelal stedelijke (urban) setting. Deze sporten zijn in vergelijking met sportverenigingen minder strak georganiseerd. Het zijn veelal sport- en beweegactiviteiten waarbij je bijzondere vaardigheden leert, denk aan het uitvoeren van trucs met een skateboard, fiets of step (skateboarden, inlineskaten, BMX’en) of het springen over hindernissen van gebouw tot gebouw (freerunning). De urban sporters vertonen hun tricks in de openbare ruimte en delen hun optredens graag via social media. De benaming van deze opkomende urban sports verschilt van land tot land. In Duitsland spreekt men van trend sports, in Engeland van lifestyle sports en in de VS van streetsports of action sports.
Het Mulier Instituut doet al een aantal jaren onderzoek naar sport in de openbare ruimte en daarbij ook naar urban sports. Sommige sporten die nu tot de coole ‘urban sports’ worden gerekend zijn overigens helemaal niet zo nieuw. Skateboarden werd begin jaren tachtig al behoorlijk populair in Nederland. In 1979 werd het eerste skatepark Het Hulsbeek in Oldenzaal geopend. BMX wordt ook al tientallen jaren beoefend. Terwijl deze jonge sporten in hun beginfase vooral het resultaat zijn van ondernemende jongeren en groepsinitiatieven, kan hun organisatiewijze daarna sterk veranderen. Steeds meer ‘traditionele’ sporten hebben bovendien ook een urban-variant ontwikkeld, zoals street football en 3×3-basketbal. Commerciële aanbieders, maar ook sportbonden, spannen zich in om deze activiteiten aan zich te binden. Denk hierbij aan de adoptie van BMX door de KNWU, freerunning door de KNGU, 3×3-basketbal door de NBB en urban hockey door de KNHB.
Andere nieuwe sportactiviteiten in de openbare ruimte lijken in Nederland nog maar net aan een opmars begonnen, zoals diskgolf, stuntsteppen, canicross en orienteering.
De ontwikkeling van urban sports is verder nauw verbonden met die van andere culturele activiteiten in de stad, de zogenoemde Urban Culture. Dit is een verzamelnaam voor muzikale, visuele, fysieke en creatieve uitingsvormen van (jonge) mensen die wonen en leven in de stad of in een stedelijke omgeving. Deze nieuwe vormen van bewegen zijn anders georganiseerd dan de klassieke sporten. Er zijn in urban sports geen verenigingen met leden die op vaste tijden komen trainen. Deze zijn vervangen door wisselende communities die actief worden als ze zin en tijd hebben.
Soms explosieve groei
Het is niet eenvoudig gebleken een betrouwbaar beeld te krijgen van de ontwikkeling van vormen van urban sport en outdoor fitness. Lange tijd werden nieuwe activiteiten niet expliciet in deelnameonderzoek onderscheiden, maar samengenomen onder de categorie overig. In recentere peilingen gebeurt dit wel. Op basis van de beschikbare cijfers is de beoefening van een aantal urban sports door het Mulier Instituut nader geanalyseerd: bootcamp, calisthenics, freerunning, skateboarden, skeeleren/skaten.
Veranderend karakter urban sports
De urban sports maken ontwikkelingen door. Tien jaar geleden schetste het Mulier Instituut in Sporten op de grens een beeld van toen nog jonge sporten zoals freerunning en kitesurfen. De manier waarop de sporten zich ontwikkelen en de beleving van sporters stonden centraal. Er is niet alleen sprake van popularisering van deze sporten, maar ook van geleidelijke invoeging in de structuren van de georganiseerde sport (sportificatie). Sporten die als demosport of wedstrijdsport door het Olympisch Comité worden aangewezen maken in snel tempo een inhaalslag. Dit speelt bijvoorbeeld de laatste jaren rond skateboarden, waar onder leiding van NOC*NSF binnen de gangbare structuren een nationaal team is opgericht.
Tegelijkertijd is te zien hoe elementen van de subcultuur van urban sports meer mainstream worden. Waren skaters dertig jaar geleden nog aparte figuren die zich niets aantrokken van de regels, tegenwoordig voelen grote groepen zich aangetrokken tot skaters en skatecultuur. Juist het tegendraadse is tegenwoordig de hippe norm geworden. En in kleding en design zijn allerlei beeldelementen van de skatecultuur overgenomen. Waarschijnlijk speelt hier mee dat de skaters van de jaren negentig inmiddels aan het werk zijn in de mode- en designsector en we allemaal het liefst jeugdig willen blijven.
Hoog tijd voor gericht beleid
Tien jaar geleden pleitten we al voor serieuze aandacht voor de jonge sporten in de openbare ruimte. Recente ontwikkelingen onderstrepen het belang daarvan. Een aantal grote steden heeft inmiddels hun plan getrokken, maar anderen blijven nog achter. Dat heeft ongetwijfeld ook te maken met een cultuurkloof tussen beleidsmakers en de jeugdige initiatiefnemers. Juist als jeugdcultuur bieden de urban sports interessante mogelijkheden. De ruimte en inzet om zelf dingen op poten te zetten biedt jongeren een leer- en ontwikkelruimte die op school en op de sportclub ontbreekt.
Urban sports bieden kansen voor een beweegvriendelijkere inrichting van een stad of dorp. Zij zorgen voor levendigheid en maken bewegen in het hart van een stad of dorp onderdeel van het dagelijkse leven. Maar dit vergt wel dat beleidsmakers deze activiteiten niet langer marginaliseren. Dat ze bereid zijn wat meer out of the box te denken en de urban sporters als ontwikkelpartner serieus te nemen. Dan kunnen de urban sports een waardevolle nieuwe loot worden aan het sport- en beweegbeleid.